Begrijpend lezen groep 6 – thema lente

Begrijpend lezen groep thema lente

Lente groep 6

De wielerwedstrijd

Het was een stralende lentedag en het hele dorp liep uit voor de jaarlijkse wielerwedstrijd. De route ging door de polders, langs bloemenvelden en over smalle dijkweggetjes. Er deden tachtig fietsers mee, van jong tot oud.

Meneer Willems deed al voor de vijftiende keer mee. Hij was de oudste deelnemer met zijn zeventig jaar. De jongste was Fleur van twaalf. Ze fietste pas sinds vorig jaar op een racefiets. Bij de start stonden ze naast elkaar. Meneer Willems gaf Fleur een knipoog. 'Niet te hard van start gaan,' zei hij. 'Bewaar je energie voor het einde.' Fleur knikte. De wedstrijd begon. Fleur fietste verstandig en haalde in de laatste kilometers veel mensen in. Ze eindigde als achttiende. Meneer Willems werd drieentwintigste. Bij de finish schudden ze elkaar de hand. 'Volgend jaar eindig je in de top tien,' zei meneer Willems. Fleur lachte en antwoordde: 'En u ook.'

 


 

Wat kun je zeggen over de relatie tussen meneer Willems en Fleur?

 

De plantjesmarkt

Elke lente was er een plantjesmarkt in het dorp. Mensen verkochten zelfgekweekte plantjes voor een klein prijsje. Er stonden tafels vol met tomatenplantjes, kruidenplantjes en bloemen. De geur van lavendel en rozemarijn hing in de lucht.

Oma ging er elk jaar naartoe. Ze kocht altijd basilicum, peterselie en munt voor haar keukentuin. Dit jaar nam ze haar kleindochter Noor mee. Noor mocht zelf een plantje uitzoeken. Ze koos een aardbeienplantje met kleine witte bloempjes. De verkoper vertelde dat die over een paar weken rode aardbeien zouden worden. Noor kon niet wachten. Thuis plantte ze het plantje in een pot op het balkon. Ze gaf het elke dag water en draaide de pot zodat alle kanten zon kregen. Na drie weken zag ze de eerste kleine groene aardbeien. Ze waren nog hard en zuur, maar oma zei dat ze geduld moest hebben. Als ze rood werden, waren ze klaar om te eten.

 


 

Lees het dikgedrukte woord. Wie of wat wordt bedoeld met die?

 

De paddentrek

Elke lente trekken duizenden padden naar het water om eieren te leggen. Ze lopen soms honderden meters over land. Dat is gevaarlijk, want ze moeten wegen oversteken. Veel padden worden daarbij overreden door auto's.

Daarom helpen vrijwilligers de padden. Ze zetten lage hekjes langs de weg. De padden lopen tegen het hekje aan en vallen in emmers die in de grond zijn gegraven. De vrijwilligers halen die elke avond leeg en brengen de padden veilig naar de overkant. Soms zitten er wel honderd padden in een emmer. De kinderen van de buurt helpen graag mee. Ze vinden het spannend om de padden op te pakken. Padden voelen koel en bobbelig aan. Na een paar weken is de paddentrek voorbij. De padden hebben hun eieren gelegd in het water. Daaruit komen kikkervisjes die langzaam veranderen in kleine padjes. De vrijwilligers ruimen de hekjes en emmers weer op tot volgend jaar.

 


 

Lees het dikgedrukte woord. Wat wordt bedoeld met die?

 

De verdwenen sokken

Het was een zonnige lentedag en mama hing de was buiten te drogen. Ze had de lakens, handdoeken en sokken keurig aan de waslijn gehangen. De wind blies zachtjes en de was wapperde vrolijk heen en weer.

Na een uurtje ging mama de was ophalen, maar er was iets vreemds aan de hand. Van de tien sokken hingen er nog maar zes. Vier sokken waren verdwenen. Mama keek in de struiken en onder de heg, maar kon ze niet vinden. De volgende dag miste ze weer twee sokken. Nu werd mama achterdochtig. Ze besloot vanachter het raam te kijken. Na een kwartier zag ze de dader: een ekster. De zwart-witte vogel pakte een sok van de lijn en vloog ermee weg. Papa begon te lachen. Eksters verzamelen graag glimmende en gekleurde voorwerpen voor hun nest. De sokken van mama waren blijkbaar mooi genoeg. Mama besloot voortaan de was binnen te drogen als de ekster in de buurt was. Ze vond het stiekem wel grappig.

 


 

Waarom pikte de ekster de sokken van de waslijn?

 

Berken en stuifmeel

Berken zijn bomen die vroeg in het voorjaar stuifmeel verspreiden. Ze bloeien al in maart of april, lang voordat de blaadjes uitkomen. De berkenbloemen zijn hangende katjes, lange dunne bloemtrossen die vol zitten met stuifmeel. De wind neemt het stuifmeel mee en verspreidt het over grote afstanden.

Berken zijn een van de ergste veroorzakers van hooikoorts. Mensen die allergisch zijn voor berkenstuifmeel hebben in april vaak veel last. Ze niezen, hun ogen tranen en ze voelen zich moe. Berkenstuifmeel kan zelfs op honderden kilometers afstand worden aangetroffen. Op warme, droge en winderige dagen is de hoeveelheid stuifmeel in de lucht het hoogst. Weerapps geven soms de stuifmeelstand aan. Mensen met hooikoorts houden dat goed in de gaten.

 


 

Emma is allergisch voor berkenstuifmeel. Morgen is het warm, droog en winderig. Wat zal Emma waarschijnlijk doen?

 

Aardbeien telen

Aardbeien zijn populaire vruchten die je zelf kunt telen. In de lente begin je met het planten van aardbeienplantjes. Je koopt ze als jonge plantjes bij een tuincentrum. Je plant ze in losse grond op een zonnige plek. Ze hebben veel zon nodig om goed te groeien en zoete vruchten te geven.

Aardbeien bloeien in het voorjaar met kleine witte bloemetjes. Na de bestuiving groeien er kleine vruchtjes. Die worden langzaam groter en roder. In juni zijn de eerste aardbeien rijp om te plukken. Ze ruiken heerlijk en smaken zoet. Aardbeienplanten maken ook uitlopers: lange stengels die naar de grond groeien en nieuwe plantjes vormen. Zo kan één plant zich snel vermeerderen. Na drie jaar is het goed om nieuwe plantjes te poten, want dan geven de oude planten minder vruchten.

 


 

Wanneer zijn de eerste aardbeien rijp?

 

Pruimenbomen bloeien

Pruimenbomen bloeien vroeg in de lente, soms al in maart. De bloemen zijn klein en wit. Ze komen tevoorschijn voordat de blaadjes aan de boom groeien. Dat is bijzonder: je ziet dan een boom vol bloemen, maar zonder blad. Bijen en andere insecten bezoeken de bloemen zodra het warm genoeg is.

Na de bestuiving vallen de bloemblaadjes af. De bomen worden groen als de blaadjes uitlopen. Kleine pruimpjes beginnen te groeien op de plaatsen waar bloemen zaten. Ze groeien de hele zomer door. In augustus en september zijn de pruimen rijp. Dan zijn ze paars, geel of rood, afhankelijk van het ras. Pruimen zijn zoet en sappig. Je kunt ze rauw eten, maar ook verwerken tot jam of taart. Boeren met pruimenboomgaarden oogsten dan honderden kilo's fruit.

 


 

Wanneer bloeien pruimenbomen?

 

Nestkastjes voor vogels

In de lente zoeken vogels een plek om te nestelen. Niet alle vogels kunnen een eigen holte in een boom vinden. Nestkastjes helpen daarbij. Een nestkastje is een houten kastje met een klein gat erin. Het gat is net groot genoeg voor de vogel die je wilt helpen. Voor een koolmees is een gat van 32 millimeter ideaal.

Je hangt het nestkastje op een beschutte plek, niet in de volle zon. Twee tot vier meter hoog is goed. Het gat moet van de middagzon af staan, zodat het binnenin niet te heet wordt. Controleer elk jaar na het broedseizoen of het kastje schoon is. Verwijder dan het oude nest. Zo is het klaar voor het volgende jaar. Vogels die een geschikt nestkastje vinden, keren er elk jaar opnieuw naar terug.

 


 

Hoe groot moet het gat in een nestkastje zijn voor een koolmees?

 

Grutto's broeden in de wei

De grutto is een weidevogel met een lange snavel en lange poten. Hij broedt in het vroege voorjaar in weilanden. Het vrouwtje legt vier eieren in een kuiltje in het gras. Beide ouders bewaken het nest. Ze waarschuwen luid als er gevaar is. Als een trekker of koe het nest nadert, kunnen de eieren kapot gaan.

Grutto's zijn ernstig bedreigd in Nederland. Vroeger waren er veel meer weilanden met lang gras. Nu wordt gras eerder gemaaid door boeren. Daardoor gaan nesten kapot. Sommige boeren werken samen met natuurorganisaties en maaien pas later. Dat helpt de grutto's hun jongen groot te brengen. De jongen kunnen al snel lopen na de geboorte. Ze zoeken zelf voedsel: wormen en insecten uit vochtige grond. Na zes weken kunnen ze vliegen.

 


 

Wat kun je zeggen over grutto's in gebieden waar gras vroeg wordt gemaaid?

 

Zwaluwen komen terug

Zwaluwen zijn kleine, snelle vogels met een gevorkte staart. Ze brengen de winter door in Afrika, want het is daar warm en er is genoeg voedsel. Als de lente aanbreekt in Nederland, beginnen ze aan de lange terugvlucht. Ze leggen duizenden kilometers af om hier te komen. Dat is een lange en vermoeiende reis. Zwaluwen vliegen overdag en rusten 's nachts. Ze volgen vaste routes die ze elk jaar opnieuw gebruiken.

In Nederland eten zwaluwen insecten die ze in de lucht vangen. Ze vliegen heel snel en draaien soepel, zodat ze vliegende insecten kunnen pakken. In de lente zijn er genoeg insecten in Nederland en dan begint ook het broedseizoen. Zwaluwen bouwen hun nest op beschutte plekken, zoals onder dakranden van boerderijen. Ze maken hun nest van modder en droog gras. Het vrouwtje legt vijf tot zes eieren. Beide ouders zorgen voor de jongen totdat die kunnen vliegen. In de herfst trekken de zwaluwen weer terug naar Afrika.

 


 

Waarom brengen zwaluwen de winter door in Afrika?

 

Begrijpend lezen groep 6 thema winter

Oefenen met begrijpend lezen voor groep 6 thema lente

Op deze pagina kunnen kinderen oefenen met begrijpend lezen rond het thema lente. Begrijpend lezen betekent dat een kind niet alleen de woorden leest, maar ook begrijpt wat er staat, wat de schrijver bedoelt en welke informatie belangrijk is. In groep 6 wordt dit steeds belangrijker: kinderen krijgen langere teksten te lezen en moeten verbanden leggen tussen verschillende stukken informatie. Ze leren het verschil tussen een feit en een mening, zoeken naar de hoofdgedachte van een tekst en oefenen met het trekken van conclusies. Door te oefenen binnen één thema raken kinderen vertrouwd met de woordenschat die bij dat onderwerp hoort. Dat maakt het makkelijker om nieuwe teksten te begrijpen, omdat ze steeds meer woorden en achtergrondkennis opdoen. Het thema lente is daar bijzonder geschikt voor: kinderen herkennen veel uit hun eigen omgeving, zoals bloemen die bloeien, dieren die jongen krijgen en de dagen die langer worden. Die herkenning helpt om de teksten beter te begrijpen en maakt het oefenen leuker.Liever op papier oefenen? Klik hier voor gratis werkbladen voor groep 6. Altijd op de hoogte blijven van ontwikkelingen en nieuw lesmateriaal? Volg dan onze Facebookpagina.

Rekenspelletjes groep

Sommen en kleuren

Allerlei sommen

Rekenspelletjes penalty schieten

Penalty schieten

Keersommen

Rekenspelletjes groep

Reken eend

Sommen tot 20

Nummer springen rekenspelletje

Nummer springen

Handig rekenen

Snake spel rekenspelletje

Snake spel

Keersommen

Super reken aap rekenspelletje

Super reken aap

Keersommen

Keervisje rekenspelletje

Keervisje

Keersommen

Tafel karten rekenspelletje

Tafel karten

Keersommen

Water en vuur spel

Water en vuur spel

Keersommen

Sommen schieten rekenspelletje

Sommen schieten

Allerlei sommen

Rekenspelletjes snake vs block

Snake vs block

Getallenlijn tot 100

Rekenspelletjes pincode hacken

Pincode hacken

Rekenraadsel

Rekenspelletjes groep

Tafels bowlen

Keersommen

Rekenspelletjes math vs bat

Math vs bat

Allerlei sommen

Blocky tafels rekenspelletje

Blocky tafels

Keersommen

Rekenspelletjes 2048 spelletje

2048

Verdubbelen

Rekenspelletjes basketbal rekenen

Basketbal rekenen

Allerlei sommen

Rekenavontuur rekenspelletje

Rekenavontuur

Allerlei sommen

Rekenspelletjes formule 1

Reken race

Keersommen

Rekenspelletjes ruimterace

Ruimterace

Keersommen

Rekenspelletjes race spelletje

Race spelletje

Deelsommen

Rekenspelletjes even of oneven

Even of oneven

Getallenlijn tot 100

Rekenspelletjes eilandentocht

Eilandentocht

Sommen tot 20

Rekenspelletjes rekenhelden

Rekenhelden

Sommen tot 20

Rekenspelletjes waterscooterrace

Waterscooterrace

Sommen tot 20

Rekenspelletjes pinguïnsprong

Pinguïnsprong

Keersommen

Rekenspelletjes zwemwedstrijd

Zwemwedstrijd

Keersommen

Rekenspelletjes trekkertrek

Trekkertrek

Keersommen

Rekenspelletjes kattenwedstrijd

Kattenwedstrijd

Sommen tot 20

Rekenspelletjes eendenrace

Eendenrace

Sommen tot 20

Rekenspelletjes paardenkracht

Paardenkracht

Deelsommen

Rekenspelletjes wind in de zeilen

Wind in de zeilen

Sommen tot 20

Rekenspelletjes boten in actie

Boten in actie

Sommen tot 20

Vraag- en tekstsoorten begrijpend lezen groep 6

Op deze pagina staan verschillende soorten teksten over de lente, zoals informatieve teksten over dieren en planten, korte verhalen en gedichten. Zo leren kinderen dat elke tekstsoort op een andere manier gelezen wordt: een informatieve tekst vraagt om het opzoeken van feiten, terwijl een verhaal meer vraagt om inleving en het begrijpen van gevoelens of bedoelingen van personages. Een gedicht leert kinderen weer om te letten op woordkeuze, beeldspraak en sfeer. Bij elke tekst staan vragen die kinderen helpen om na te denken over wat ze hebben gelezen. Denk aan vragen over de betekenis van een woord, het opzoeken van informatie in de tekst, maar ook vragen waarbij kinderen zelf moeten nadenken over wat er niet letterlijk staat. Sommige vragen richten zich op het samenvatten van een tekst of het herkennen van de tekstopbouw, zoals de inleiding, het middenstuk en het slot. Andere vragen stimuleren kinderen om hun eigen mening te vormen over wat ze hebben gelezen en die mening te onderbouwen met voorbeelden uit de tekst. Door met verschillende vraagsoorten te oefenen leren kinderen op verschillende manieren naar een tekst te kijken. Dat is precies wat er in groep 6 van ze wordt verwacht en het legt een stevige basis voor de jaren daarna. Zo groeit hun leesplezier én hun leesvaardigheid stap voor stap.

Begrijpend lezen oefenen groep 6 thema lente

Kies jouw groep en start met het oefenen van begrijpend lezen