Begrijpend lezen groep 7 – thema winter

Begrijpend lezen groep thema winter

Winter groep 7

Rendieren in Lapland

In Lapland spelen rendieren een grote rol in het dagelijks leven. Deze dieren zijn goed aangepast aan de kou door hun dikke vacht en brede hoeven. De hoeven werken als sneeuwschoenen, waardoor rendieren niet diep wegzakken in de sneeuw. Zo kunnen ze zich ook in de winter goed voortbewegen door het landschap.

Veel Samen houden rendieren in grote kuddes. Ze trekken met de dieren mee op zoek naar voedsel, zoals korstmossen die onder de sneeuw groeien. Rendieren kunnen met hun hoeven de sneeuw opzij schuiven om dit voedsel te bereiken. Mensen gebruiken rendieren niet alleen voor vlees, maar ook voor huiden en vervoer. Daardoor zijn rendieren al eeuwenlang belangrijk voor het leven in Lapland.

Tegenwoordig worden rendieren soms gevolgd met gps-zenders. Zo kunnen herders zien waar de kudde zich bevindt. Dat is handig in het grote, open gebied van Lapland. Toch blijft het werk zwaar, vooral in de koude wintermaanden.

 


 

Welke twee zinnen zijn waar volgens de tekst?

 

Sneeuw en sneeuwvlokken

Sneeuw ontstaat hoog in de lucht, in wolken waar het erg koud is. Kleine waterdruppels veranderen daar in ijskristallen. Deze ijskristallen blijven aan elkaar plakken en groeien uit tot sneeuwvlokken. Hoe groter en zwaarder de sneeuwvlokken worden, hoe sneller ze naar beneden vallen. Daarom kan het tijdens een sneeuwbui ineens hard gaan sneeuwen.

Elke sneeuwvlok heeft een andere vorm. Dat komt doordat sneeuwvlokken tijdens hun val door de wolk steeds andere temperaturen en hoeveelheden vocht tegenkomen. Geen enkele sneeuwvlok is precies hetzelfde. Op de grond kan sneeuw een dikke laag vormen, die het landschap stiller maakt. Geluid wordt door sneeuw beter geabsorbeerd, waardoor het buiten rustiger lijkt.

Sneeuw heeft ook invloed op het dagelijks leven. Wegen kunnen glad worden en verkeer moet langzamer rijden. Gemeenten strooien zout om de gladheid te verminderen. Voor kinderen betekent sneeuw vaak plezier: sneeuwballen gooien, een sneeuwpop maken of sleeën van een heuvel. Zo kan sneeuw tegelijk lastig en leuk zijn.

 


 

Welke twee zinnen zijn waar volgens de tekst?

 

Winterkleding

In de winter is het vaak koud en waait het hard. Daarom dragen mensen dikkere kleding dan in de zomer. Jassen, mutsen en handschoenen helpen om warm te blijven. Warme kleding houdt de lichaamswarmte vast en beschermt tegen kou en wind. Zo koelt je lichaam minder snel af als je buiten bent.

Verschillende materialen zorgen voor extra warmte. Wol en fleece houden lucht vast, waardoor de kou minder goed doordringt. Een sjaal beschermt je nek en een muts voorkomt dat warmte via je hoofd verdwijnt. Als je goed gekleed bent, kun je ook in de winter langer buiten spelen of wandelen.

 


 

Welke vraag beantwoordt de schrijver niet in de tekst?

 

Winterrust bij dieren

In de winter is er minder eten te vinden in de natuur. Dat komt omdat veel planten niet groeien en er minder insecten zijn. Daarom passen veel dieren hun gedrag aan. Sommige vogels trekken naar warmere landen, maar andere blijven hier en zoeken voedsel dichter bij mensen. Ook eekhoorns en muizen leggen in de herfst een voorraad aan, zodat ze in de winter genoeg hebben.

Sommige dieren houden een winterslaap. Dat betekent dat hun lichaam bijna “op spaarstand” gaat. Hun hartslag en ademhaling worden veel langzamer, waardoor ze minder energie nodig hebben. Een egel kruipt bijvoorbeeld weg onder bladeren en een vleermuis hangt stil in een donkere plek. Als het warmer wordt in het voorjaar, worden deze dieren weer actiever.

 


 

Welke vraag beantwoordt de schrijver niet in de tekst?

 

In de winter gaat Suzan met haar ouders naar de bergen. Zodra ze uit de auto stapt, voelt ze de koude lucht in haar neus prikken. Overal ligt sneeuw en je hoort het knarsen onder je schoenen. Suzan trekt haar helm op en klikt haar skischoenen dicht. Ze kan niet wachten om de piste op te gaan. Suzan vindt skiën leuk, (1) ze van actie houdt.

Boven op de berg kijkt ze even naar beneden. De piste is breed en wit, en de bomen dragen een laagje sneeuw. Dan duwt ze zich af en glijdt ze steeds sneller naar beneden. De wind suist langs haar oren en haar wangen worden rood van de kou. Beneden stopt ze met een grote glimlach. ‘Nog een keer!’ roept ze, terwijl ze haar ski’s alweer de lift in duwt.

 


 

Wat past het best op plaats (1)?

 

Vanmorgen keek ik uit het raam en zag ik dikke vlokken naar beneden vallen. De straat werd steeds witter en de fietsen in de tuin kregen een laagje sneeuw. Ik moest naar oma, maar ik twijfelde even of ik wel zou gaan. Toen zei mijn moeder: ‘Ik ga met de auto, (1) het sneeuwt.’ In de auto was het lekker warm!

 


 

Wat past het best op plaats (1)?

 

Titel: Nu in de aanbieding: warme dekens!

 


 

Wat voor soort tekst zou het zijn?

 

Titel: Het geheim van de sneeuwman

 


 

Wat voor soort tekst zou het zijn?

 

Titel: De verdwenen want

 


 

Wat voor soort tekst zou het zijn?

 

Weer en klimaat

Mensen praten in de winter vaak over het weer. Het weer is wat er nu buiten gebeurt. Bijvoorbeeld: vandaag waait het hard of vandaag sneeuwt het. Klimaat gaat over het gemiddelde weer in een gebied. Daar kijk je naar jaren, niet naar één dag. Nederland heeft een zeeklimaat. Dat betekent dat het niet vaak extreem koud wordt. Toch kan er soms een strenge winter zijn. Eén koude week zegt dus niet meteen iets over het klimaat. Wetenschappers meten het weer elke dag op veel plekken. Met die metingen kunnen ze het klimaat beter begrijpen. Als winters gemiddeld zachter worden, kan er minder ijs komen. Dan kunnen sloten minder vaak dichtvriezen. Maar zelfs in zachte winters kan het nog even sneeuwen.

 


 

Welke zin gaat over klimaat en niet over het weer van één dag?

 

Begrijpend lezen groep 7 thema winter

Oefenen met begrijpend lezen voor groep 7 thema winter

Op deze webpagina kunnen kinderen uit groep 7 gratis oefenen met begrijpend lezen groep 7 thema winter. Het thema winter spreekt veel kinderen aan en maakt lezen herkenbaar en interessant. De teksten gaan bijvoorbeeld over sneeuw, ijs en winterdieren. Zo blijft het oefenen leuk en afwisselend. Kinderen krijgen niet steeds dezelfde soort tekst, maar verschillende tekstsoorten. Denk bijvoorbeeld aan korte verhalen, informatieve teksten en beschrijvingen. Bij iedere tekst krijgen de kinderen één vraag begrijpend lezen. Deze vraag gaat bijvoorbeeld over waar de tekst over gaat, een belangrijk detail, een moeilijk woord of een verband in de tekst. (Samen) lezen blijft het allerbelangrijkste om begrijpend lezen te oefenen. Door veel te lezen en samen over teksten te praten, leren kinderen teksten echt begrijpen. Deze website is bedoeld als een aanvulling op het dagelijkse lezen thuis en in de klas. De oefeningen kunnen helpen bij extra oefening, herhaling of voorbereiding op toetsen, maar vervangen het lezen van boeken en verhalen niet. Liever op papier oefenen? Klik hier voor gratis werkbladen voor groep 7. Altijd op de hoogte blijven van ontwikkelingen en nieuw lesmateriaal? Volg dan onze Facebookpagina.

Rekenspelletjes groep

Sommen en kleuren

Allerlei sommen

Rekenspelletjes penalty schieten

Penalty schieten

Keersommen

Rekenspelletjes groep

Reken eend

Sommen tot 20

Nummer springen rekenspelletje

Nummer springen

Handig rekenen

Snake spel rekenspelletje

Snake spel

Keersommen

Super reken aap rekenspelletje

Super reken aap

Keersommen

Keervisje rekenspelletje

Keervisje

Keersommen

Tafel karten rekenspelletje

Tafel karten

Keersommen

Water en vuur spel

Water en vuur spel

Keersommen

Rekenspelletjes groep

Tafels bowlen

Keersommen

Rekenspelletjes snake vs block

Snake vs block

Getallenlijn tot 100

Rekenspelletjes basketbal rekenen

Basketbal rekenen

Allerlei sommen

Rekenavontuur rekenspelletje

Rekenavontuur

Allerlei sommen

Rekenspelletjes pincode hacken

Pincode hacken

Rekenraadsel

Rekenspelletjes 2048 spelletje

2048

Verdubbelen

Sommen schieten rekenspelletje

Sommen schieten

Allerlei sommen

Rekenspelletjes math vs bat

Math vs bat

Allerlei sommen

Blocky tafels rekenspelletje

Blocky tafels

Keersommen

Rekenspelletjes formule 1

Reken race

Keersommen

Rekenspelletjes ruimterace

Ruimterace

Keersommen

Snelweg spel rekenspelletje

Snelweg spel

Breuken

Rekenspelletjes pinguïnsprong

Pinguïnsprong

Keersommen

Rekenspelletjes puppy spel

Puppy spel

Kommagetallen

Rekenspelletjes pandapizza

Pandapizza

Breuken

Rekenspelletjes paardenkracht

Paardenkracht

Deelsommen

Rekenspelletjes zwemwedstrijd

Zwemwedstrijd

Keersommen

Rekenspelletjes race spelletje

Race spelletje

Deelsommen

Rekenspelletjes trekkertrek

Trekkertrek

Keersommen

Rekenspelletjes puppyrun

Puppyrun

Breuken

Rekenspelletjes motorcross

Motorcross

Breuken

Vraag- en tekstsoorten begrijpend lezen groep 7

Bij begrijpend lezen in groep 7 is het goed om verschillende soorten teksten te gebruiken. In een informatieve tekst (bijvoorbeeld over het weer, gezondheid of techniek) zoeken ze vooral feiten, maar ze moeten ook leren wat hoofdzaak en bijzaak is. Ze letten op signaalwoorden zoals omdat, dus en maar, zodat ze verbanden herkennen, zoals oorzaak en gevolg. In verhalende teksten draait het meer om gebeurtenissen en personages. Leerlingen denken dan na over gevoelens, bedoelingen en waarom iemand iets doet, ook als het niet letterlijk in de tekst staat. In instructieve teksten, zoals een handleiding, oefenen ze nauwkeurig lezen en stappen in de juiste volgorde zetten. De vragen kunnen ook verschillen: sommige zijn letterlijk (het antwoord staat in de tekst), andere zijn inferentievraagstukken (je moet iets afleiden). Er zijn vragen over woordenschat, bijvoorbeeld wat een woord betekent in de context, en vragen over verwijswoorden zoals dit of zij. Ook samenvatvragen helpen: wat is de kern van een alinea? Op deze webpagina vind je verschillende teksten en vraagsoorten binnen het thema winter, speciaal gemaakt voor kinderen uit groep 7.

Begrijpend lezen groep thema winter

Kies jouw groep en start met het oefenen van begrijpend lezen