Begrijpend lezen groep 7 – thema winter

Winter groep 7

Lees eerst het verhaal rustig door. Daarna beantwoord je een vraag over het verhaal. Weet je het antwoord niet zeker?
Lees het verhaal dan nog een keer. Succes!

✓ 0 ✗ 0
Vanmorgen keek ik uit het raam en zag ik dikke vlokken naar beneden vallen. De straat werd steeds witter en de fietsen in de tuin kregen een laagje sneeuw. Ik moest naar oma, maar ik twijfelde even of ik wel zou gaan. Toen zei mijn moeder: ‘Ik ga met de auto, (1) het sneeuwt.’ In de auto was het lekker warm!
Wat past het best op plaats (1)?
In de winter gaat Suzan met haar ouders naar de bergen. Zodra ze uit de auto stapt, voelt ze de koude lucht in haar neus prikken. Overal ligt sneeuw en je hoort het knarsen onder je schoenen. Suzan trekt haar helm op en klikt haar skischoenen dicht. Ze kan niet wachten om de piste op te gaan. Suzan vindt skiën leuk, (1) ze van actie houdt. Boven op de berg kijkt ze even naar beneden. De piste is breed en wit, en de bomen dragen een laagje sneeuw. Dan duwt ze zich af en glijdt ze steeds sneller naar beneden. De wind suist langs haar oren en haar wangen worden rood van de kou. Beneden stopt ze met een grote glimlach. ‘Nog een keer!’ roept ze, terwijl ze haar ski’s alweer de lift in duwt.
Wat past het best op plaats (1)?
Weer en klimaat Mensen praten in de winter vaak over het weer. Het weer is wat er nu buiten gebeurt. Bijvoorbeeld: vandaag waait het hard of vandaag sneeuwt het. Klimaat gaat over het gemiddelde weer in een gebied. Daar kijk je naar jaren, niet naar één dag. Nederland heeft een zeeklimaat. Dat betekent dat het niet vaak extreem koud wordt. Toch kan er soms een strenge winter zijn. Eén koude week zegt dus niet meteen iets over het klimaat. Wetenschappers meten het weer elke dag op veel plekken. Met die metingen kunnen ze het klimaat beter begrijpen. Als winters gemiddeld zachter worden, kan er minder ijs komen. Dan kunnen sloten minder vaak dichtvriezen. Maar zelfs in zachte winters kan het nog even sneeuwen.
Welke zin gaat over klimaat en niet over het weer van één dag?
Schaatsen op natuurijs Als het een paar dagen achter elkaar vriest, kan er natuurijs ontstaan op sloten en plassen. Veel mensen worden dan enthousiast, want schaatsen op natuurijs voelt anders dan op een ijsbaan. Toch is het belangrijk om goed op te letten. Het ijs is niet overal even sterk. Bij bruggen, riet en stromend water bevriest het water minder snel. Op die plekken kan het ijs dus dunner zijn. Om te bepalen of het veilig is, meten mensen de dikte van het ijs. Soms zet een gemeente of een schaatsvereniging een route uit en plaatsen ze borden. Ook geven ze tips, zoals: ga niet alleen het ijs op en blijf uit de buurt van wakken. Als het dooit, wordt het ijs snel minder stevig. Dan is het beter om weer van het ijs af te gaan.
Welke vraag beantwoordt de schrijver niet in de tekst?
De lucht was helder en blauw. Emma liep met haar vader door het bos. Overal lagen witte takken op de grond. Ze hoorden niks, behalve hun stappen in de sneeuw. Toen zag Emma een groen licht tussen de bomen. Het bewoog langzaam, alsof het danste. Ze liepen ernaartoe en kwamen bij een open plek. Boven hen glansde het noorderlicht. Emma keek omhoog en hield haar adem in. Haar vader zei: ‘Kijk goed, dit zie je niet vaak.’ Emma pakte zijn hand en bleef staan. Ze voelde zich klein, maar ook heel blij.
Lees het dikgedrukte woord. Wie of wat wordt bedoeld met dit?
Poollicht Soms kun je in het hoge noorden poollicht zien. Poollicht wordt ook wel noorderlicht genoemd. Het lijkt op groene of paarse slingers in de lucht. De zon stuurt altijd kleine deeltjes de ruimte in. Die deeltjes gaan heel snel. Een deel van die deeltjes komt bij de aarde. De aarde heeft een onzichtbaar schild om zich heen. Dat schild stuurt veel deeltjes naar de polen. Daar botsen de deeltjes tegen luchtdeeltjes. Door die botsing gaat de lucht even gloeien. Dan zie je licht aan de hemel. Groene kleuren komen vaak voor. Soms zie je ook rood of paars. Je ziet poollicht het best op een donkere plek.
Waardoor zie je poollicht volgens de tekst?
In de winter krijgen sommige mensen last van ‘winterhanden’ of ‘wintertenen’. Dat zijn plekken die rood, jeukend of pijnlijk worden door kou en vocht. Het gebeurt vooral als je van heel koud naar warm gaat, bijvoorbeeld na fietsen in de wind. De kleine bloedvaatjes in je huid reageren dan snel en kunnen geïrriteerd raken. Daarom hebben niet alleen ouderen er last van, maar ook kinderen die vaak buiten spelen. Je kunt het verminderen door laagjes te dragen en handschoenen op tijd aan te doen. Ook helpt het om je handen rustig op te warmen, niet direct tegen een hete radiator. Een warme mok vasthouden kan wel, omdat dat geleidelijk gaat. Sommige mensen smeren een vette crème om de huid te beschermen tegen vocht. Toch is het niet slim om krabben, want dan maak je de huid kapot. Als je vaak klachten hebt, kan bewegen helpen, omdat je bloed dan beter stroomt. Echter, bij wondjes of blaren is het verstandig om een volwassene of dokter te vragen wat je moet doen. Winterhanden zijn vervelend, maar meestal gaan ze weg als het warmer wordt. Goed opletten op je lichaam is dus net zo belangrijk als een dikke jas.
Welke oorzaak-gevolgrelatie wordt in de tekst uitgelegd?
Als het vriest, beslaan ramen sneller, vooral in slaapkamers. Warme lucht binnen bevat vocht, bijvoorbeeld door ademen en douchen. Wanneer die warme lucht tegen een koud raam komt, koelt hij af. Dan verandert waterdamp in kleine druppeltjes die je als waas ziet. Daarom lijkt het soms alsof het raam “zweet”. Je kunt dat verminderen door ’s ochtends kort te ventileren, zelfs als het koud is. Frisse lucht bevat vaak minder vocht dan lucht die al uren in huis hangt. Ook helpt het om de verwarming niet ineens heel hoog te zetten, want dan stijgt de luchtvochtigheid snel. Toch is te lang luchten niet handig, omdat muren dan afkoelen en het later meer energie kost om op te warmen. Een paar minuten is meestal genoeg. Sommige mensen zetten ’s nachts een raam op een kier. Echter, als de kamer daardoor te koud wordt, kan er juist meer condens ontstaan bij het opwarmen. Daarom is een rooster of korte ventilatie vaak slimmer. Als er steeds water langs het raam loopt, kun je het beter droogmaken om schimmel te voorkomen. Zo blijft de lucht in huis in de winter gezonder.
Welke twee oorzaken van beslagen ramen worden in de tekst genoemd?
Waarom dieren zich aanpassen aan de winter In de winter wordt het koud en is er minder eten te vinden. Veel dieren passen zich hieraan aan. Sommige dieren krijgen een dikkere vacht, (1) het hen helpt om warm te blijven. Andere dieren houden een winterslaap en bewegen dan bijna niet meer. Zo besparen ze energie tot het weer lente wordt.
Wat past het best op plaats (1)?
Lapland Lapland ligt in het noorden van Europa en hoort bij landen zoals Noorwegen, Zweden en Finland. Het gebied staat bekend om zijn lange, koude winters. In sommige periodes komt de zon wekenlang niet boven de horizon. Dit wordt de poolnacht genoemd. In de zomer is het juist andersom en blijft het bijna de hele dag licht. In Lapland wonen onder andere de Samen. Zij leven al eeuwenlang in dit gebied en hebben zich aangepast aan het koude klimaat. Rendieren spelen een belangrijke rol in hun leven. Ze gebruiken de dieren voor vervoer, voedsel en kleding. In de winter trekken de Samen met hun rendieren door het landschap, op zoek naar plekken waar de dieren voedsel kunnen vinden onder de sneeuw. Lapland is ook bekend om het noorderlicht. Dit bijzondere lichtverschijnsel ontstaat wanneer deeltjes van de zon botsen met gassen in de lucht van de aarde. Aan de hemel verschijnen dan groene, paarse of roze lichtgolven. Veel mensen reizen speciaal in de winter naar Lapland om dit natuurverschijnsel te zien.
Welke twee zinnen zijn waar volgens de tekst?
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Advertentie

Oefenen met begrijpend lezen voor groep 7 thema winter

Op deze webpagina kunnen kinderen uit groep 7 gratis oefenen met begrijpend lezen groep 7 thema winter. Het thema winter spreekt veel kinderen aan en maakt lezen herkenbaar en interessant. De teksten gaan bijvoorbeeld over sneeuw, ijs en winterdieren. Zo blijft het oefenen leuk en afwisselend. Kinderen krijgen niet steeds dezelfde soort tekst, maar verschillende tekstsoorten. Denk bijvoorbeeld aan korte verhalen, informatieve teksten en beschrijvingen. Bij iedere tekst krijgen de kinderen één vraag begrijpend lezen. Deze vraag gaat bijvoorbeeld over waar de tekst over gaat, een belangrijk detail, een moeilijk woord of een verband in de tekst. (Samen) lezen blijft het allerbelangrijkste om begrijpend lezen te oefenen. Door veel te lezen en samen over teksten te praten, leren kinderen teksten echt begrijpen. Deze website is bedoeld als een aanvulling op het dagelijkse lezen thuis en in de klas. De oefeningen kunnen helpen bij extra oefening, herhaling of voorbereiding op toetsen, maar vervangen het lezen van boeken en verhalen niet. Liever op papier oefenen? Klik hier voor gratis werkbladen voor groep 7. Altijd op de hoogte blijven van ontwikkelingen en nieuw lesmateriaal? Volg dan onze Facebookpagina.

Begrijpend lezen groep 7 thema winter

Kies jouw groep en start met het oefenen van begrijpend lezen