Begrijpend lezen oefenen – groep 4

Groep 4

Lees eerst het verhaal rustig door. Daarna beantwoord je een vraag over het verhaal. Weet je het antwoord niet zeker?
Lees het verhaal dan nog een keer. Succes!

✓ 0 ✗ 0
De speeltuin Bij ons in de buurt is een speeltuin. Er staat een grote glijbaan. Kinderen klimmen erop en glijden naar beneden. Er is ook een schommel. Die gaat hoog de lucht in. In de zomer spelen veel kinderen hier. Soms nemen ze een bal mee. Er is een bankje voor de ouders. Ze zitten daar en kijken naar de kinderen. Soms eten mensen hier een ijsje. Het is een fijne plek om te spelen.
Wat weet je nu van de speeltuin? Kies vier dingen die in de tekst staan.
In de herfst bereiden veel dieren zich voor op de winter. Eekhoorns verzamelen bijvoorbeeld nootjes om te verstoppen in de grond of in holletjes. Ze hebben deze voorraad nodig om de koude winter door te komen, omdat er dan minder eten te vinden is.
Wat betekent het woord voorraad?
Bomen zijn belangrijk voor onze planeet. Ze geven ons zuurstof om te ademen. Bomen bieden ook een thuis aan veel dieren. Zonder bomen zou de aarde er heel anders uitzien. Bomen geven schaduw op warme dagen en hun bladeren veranderen van kleur in de herfst. Mensen gebruiken hout van bomen om huizen en meubels te maken.
Waar gaat het in deze tekst vooral over?
Tom liep naar de speeltuin en zag een jongen op de grond zitten met een bloedende knie. Tom haalde snel een pleister uit zijn tas en hielp de jongen. β€˜Dank je’, zei de jongen met een glimlach. Tom glimlachte terug en ze speelden de rest van de middag samen.
Waarom hielp Tom de jongen?
Jan zag zijn buurman worstelen met het planten van bloemen in de tuin. Jan ging naar hem toe en vroeg of hij kon helpen. Samen plantten ze de bloemen en de tuin zag er prachtig uit. De buurman was heel dankbaar en nodigde Jan uit voor limonade.
Waarom hielp Jan zijn buurman?
Uit logeren Veel kinderen vinden het leuk om te logeren. Ze slapen een nachtje bij opa en oma of bij een vriendje. Vaak nemen ze een tas mee met kleren en een knuffel. Soms mogen ze langer opblijven dan thuis. Overdag doen ze leuke dingen, zoals spelletjes spelen of naar de speeltuin gaan. Soms eten ze iets speciaals, zoals pannenkoeken of frietjes. Voor het slapengaan poetsen ze hun tanden. Ze slapen in een logeerbed of op een matras. In de ochtend eten ze samen ontbijt. Na het logeren gaan ze weer naar huis.
Wat weet je nu van logeren? Kies vier dingen die in de tekst staan.
De ijssalon Noah gaat met zijn zus naar de ijssalon. Hij kiest een hoorntje met aardbeienijs. Zijn zus neemt chocolade-ijs in een bakje. Ze gaan buiten op een bankje zitten. De zon schijnt en het ijs smelt snel. Noah likt snel om het ijs niet te laten druipen. Plots valt een beetje ijs op zijn broek. Ze lachen en vegen het schoon met een servetje. Als het ijs op is, lopen ze naar huis. Onderweg kopen ze nog een fles water.
Welke zin is niet waar?
Hoeden voor op je hoofd Hoeden beschermen je hoofd tegen de zon. Ze zorgen ook dat je haar niet nat wordt als het regent. Op hete dagen draag je een zonnehoed. Als het koud is, zet je een warme muts op. Hoeden zijn niet alleen handig. Ze zijn ook mooi. Er zijn hoeden in allerlei vormen en maten. Sommige hebben grote randen, andere een leuke strik. Je kunt een hoed kiezen die past bij je kleding.
Lees het dikgedrukte stukje. Welk woord past het best bij dit stukje?
Daan staat op het voetbalveld De zon schijnt fel en het gras is droog. Daan rent achter de bal aan. Zijn benen worden (1), maar Daan stopt niet. Hij wil scoren! Hij schiet de bal hard naar het doel. Raak! Zijn team juicht en Daan lacht. Daarna drinkt hij snel wat water.
Wat past het best op plaats (1)?
Lina zit aan de keukentafel en kijkt naar haar boek. Haar broer Sem komt binnen met een glas water. β€˜Wat ben je aan het doen?’ vraagt hij. β€˜Ik moet sommen maken,’ zegt Lina. β€˜Maar ik snap deze niet.’ Ze wijst naar een som: 8 + ? = 15. Sem glimlacht. β€˜Je moet bedenken welk getal erbij moet om samen 15 te krijgen,’ zegt hij. Lina denkt even na en roept dan: β€˜7!’ Sem steekt zijn duim op. β€˜Goed zo!’
Lees het dikgedrukte stukje. Wat doet Sem in dit stukje?
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Advertentie

Waarom is begrijpend lezen belangrijk voor kinderen uit groep 4?

Begrijpend lezen is in groep 4 een belangrijke vaardigheid voor alle schoolvakken. Kinderen leren niet alleen woorden lezen, maar ook informatie uit teksten halen om nieuwe dingen te begrijpen. Veel oefenen maakt hen zelfverzekerder en zorgt ervoor dat ze lezen steeds leuker gaan vinden. Kinderen die goed begrijpend kunnen lezen, hebben daar ook bij andere vakken profijt van. Bij rekenen bijvoorbeeld moeten ze verhaaltjessommen eerst goed lezen en begrijpen voordat ze kunnen rekenen. Ook de tafels komen in groep 4 aan bod. Kinderen beginnen met de tafels die een herkenbaar patroon hebben: de tafel van 1, de tafel van 2, de tafel van 5 en de tafel van 10. Daarna volgen de tafel van 3 en de tafel van 4. Op MijnTafeldiploma kunnen ze elke tafel apart oefenen. Met het tafeldiploma brons laten kinderen zien dat ze de basis beheersen. Wie klaar is voor meer, kan ook het tafeldiploma zilver of tafeldiploma goud proberen.

Begrijpend lezen groep 4

Kies jouw groep en start met oefenen