Begrijpend lezen groep 5 – thema lente

Lente groep 5

Lees eerst het verhaal rustig door. Daarna beantwoord je een vraag over het verhaal. Weet je het antwoord niet zeker?
Lees het verhaal dan nog een keer. Succes!

✓ 0 ✗ 0
De eerste vlinders In de lente wordt het warmer en komt er meer zon. Dan zie je weer vlinders vliegen. Ze fladderen boven gras en bloemen in de tuin. Vlinders zoeken vaak plekken met veel kleur. Ze gaan zitten op een bloem en drinken nectar. Soms zie je een vlinder even zijn vleugels openen en sluiten. Dan warmt hij op in de zon. Vlinders komen niet zomaar ineens tevoorschijn. Eerst was een vlinder een rups. Die rups at veel bladeren om te groeien. Daarna maakte de rups een pop om zichzelf heen. De rups verandert langzaam in een vlinder. Als de vlinder klaar is, kruipt hij eruit en droogt hij zijn vleugels. Daarna kan hij wegvliegen.
Lees het dikgedrukte stuk. Waar gaat dit stuk vooral over?
Tulpen in het park In het park bloeiden tulpen en narcissen. Lisa maakte een foto van de tulpen, omdat die zo fel rood waren.
Lees het dikgedrukte woord. Wie of wat wordt bedoeld met die?
Fruitsalade Ingredienten: - 1 appel - 1 banaan - 1 handje aardbeien - 1 handje blauwe bessen - eetlepel yoghurt - honing Bereidingswijze: Was de aardbeien en haal de kroontjes eraf. Snijd de aardbeien in stukjes. Schil de appel en snijd hem in blokjes. Pel de banaan en snijd hem in plakjes. Doe al het fruit in een kom en voeg de blauwe bessen toe. Schep de yoghurt en de honing erbij. Roer alles voorzichtig door elkaar.
Waar kun je deze tekst vinden?
Lisa en Jens in het park Lisa en Jens liepen op een zonnige lentedag naar het park. Onderweg zagen ze groene knopjes aan de bomen en gele bloemen langs het pad. Bij de vijver bleven ze staan, want daar zwommen eenden met piepkleine kuikentjes achter zich aan. Lisa wees naar een vogel die met takjes in zijn snavel heen en weer vloog. Jens dacht dat de vogel een nest aan het maken was en ze keken even stil, zodat ze hem niet zouden storen. Daarna gingen Lisa en Jens op het gras zitten met hun broodjes. Ze voelden de warme zon op hun gezicht en hoorden overal vogels zingen. Toen ze klaar waren, gingen ze tikkertje spelen tussen de bomen.
Lees het dikgedrukte woord. Wie of wat wordt bedoeld met hem?
Konijnen Konijnen zijn lieve dieren. Ze hebben een zachte vacht en lange oren. Konijnen wonen vaak in holen onder de grond. Ze eten graag gras, wortels en groenten. Konijnen kunnen goed springen en zijn heel snel! Konijnen hebben grote (1) die altijd groeien, dus knagen ze aan takjes om ze kort te houden. Konijnen worden vaak gekozen als huisdier, omdat ze zo lief en knuffelbaar zijn. Vergeet niet om goed voor ze te zorgen!
Wat past het best op plaats (1)?
De eend met kuikentjes In de lente zag Sara een eend met kuikentjes. De kuikentjes bleven dicht bij hun moeder, omdat zij hen beschermde.
Lees het dikgedrukte woord. Wie of wat wordt bedoeld met zij?
Een nest Sofie loopt na school langs een haag en ziet een klein vogeltje heen en weer vliegen. Het vogeltje heeft een sprietje in zijn snavel en verdwijnt tussen de takken. Even later komt het vogeltje terug met een veertje. Sofie blijft stil staan en kijkt vanaf het pad. Ze snapt dat er een nest wordt gebouwd. Sofie wil dichterbij lopen om beter te zien waar het nest zit, maar ze herinnert zich wat haar vader zei: vogels kunnen stoppen met bouwen als ze zich niet veilig voelen. Sofie gaat op afstand zitten en doet net alsof ze haar veters strikt. Zo kan ze toch kijken zonder op te vallen. Ze ziet ook een tweede vogeltje met mos aankomen. Samen duwen ze het materiaal stevig tussen de takken. Sofie loopt pas weer weg als de vogels een tijdje rustig blijven doorwerken.
Wat doet Sofie vooral om de vogels niet te laten schrikken?
Fietsen in het voorjaar In de lente fietsen veel kinderen weer buiten. Kijk goed uit bij een kruising en stop als er een auto komt. Steek pas over als de weg vrij is. Zo voorkom je ongelukken. In de lente is het vaak licht en droog. Dan kun je fijn fietsen naar school. Soms ruik je bloesem langs de weg. Dat maakt fietsen extra leuk.
Lees het dikgedrukte stuk. Wat doet de schrijver in dit stuk?
In de lente zie je vaak bijen in tuinen en parken. Bijen vliegen van bloem naar bloem om nectar te halen. Van die nectar maken ze honing. Terwijl ze nectar zoeken, blijft er stuifmeel aan hun poten plakken. Dat stuifmeel nemen ze mee naar een andere bloem. Zo helpen bijen planten om nieuwe zaden te maken. Zonder bijen zouden er veel minder bloemen en fruit groeien. Daarom zijn bijen heel belangrijk in de lente.
Welke titel past het best bij deze tekst?
Knoppen aan de tak In de winter lijken bomen kaal, maar op de takken zie je soms al knoppen. In zo'n knop zit een nieuw blaadje verstopt. De knop heeft een laagje eromheen, een soort jas. Dat laagje beschermt tegen kou, wind en regen. Zodra het warmer wordt, gaat de knop langzaam open. Dan komt het blaadje tevoorschijn, eerst klein en lichtgroen. In de weken erna wordt het blaadje groter en donkerder. Zo krijgt de boom weer meer blaadjes en wordt de kroon voller. Als je goed kijkt, zie je dat niet alle knoppen tegelijk opengaan. Sommige takken zijn sneller, vooral als ze meer zon krijgen.
Waarom gaan niet alle knoppen tegelijk open?
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Advertentie

Oefenen met begrijpend lezen voor groep 5 thema lente

Op deze pagina vinden kinderen leerzame oefeningen voor begrijpend lezen rond het thema lente. Bij begrijpend lezen draait het erom dat een kind snapt waar een tekst over gaat en welke informatie belangrijk is om te onthouden. In groep 5 zetten kinderen daarin flinke stappen: ze gaan van korte verhaaltjes naar iets langere teksten en leren om eerst goed naar de titel, plaatjes en kopjes te kijken. Door vaker teksten over hetzelfde onderwerp te lezen, breidt de woordenschat van een kind als vanzelf uit. Bekende woorden komen terug en nieuwe woorden krijgen betekenis door de context, waardoor een volgende tekst over hetzelfde thema meteen makkelijker leest. Het thema lente past daar perfect bij, want kinderen zien de veranderingen letterlijk om zich heen gebeuren: knoppen komen aan de bomen, lammetjes huppelen in de wei en de zon blijft 's avonds langer schijnen. Die herkenning helpt enorm bij het lezen, omdat kinderen kunnen terugvallen op wat ze al weten uit hun eigen leven. Bovendien wordt oefenen zo een stuk gezelliger, want lezen over iets vertrouwds voelt veilig en uitnodigend. Liever op papier oefenen? Klik hier voor gratis werkbladen voor groep 5. Wil je niets missen van nieuwe lesideeën en oefenmateriaal? Volg ons dan op onze Facebookpagina.

Begrijpend lezen groep 5 thema lente

Kies jouw groep en start met het oefenen van begrijpend lezen