Begrijpend lezen groep 7 – thema lente

Lente groep 7

Lees eerst het verhaal rustig door. Daarna beantwoord je een vraag over het verhaal. Weet je het antwoord niet zeker?
Lees het verhaal dan nog een keer. Succes!

✓ 0 ✗ 0
Hoe regen in een wolk ontstaat Voor een regendruppel uit de hemel valt, heeft hij een lange reis achter de rug. Het begint bij water op aarde: in zeeën, plassen, rivieren of vochtige aarde. Door de warmte van de zon verdampt dat water. Het verandert dan in onzichtbare waterdamp en stijgt op naar de lucht. Hoger in de lucht is het kouder. De waterdamp koelt af en wordt weer water, maar nu in hele kleine druppeltjes. Zo klein dat ze in de lucht blijven hangen. Een grote verzameling van dat soort druppeltjes ziet er voor ons uit als een wolk. In één wolk zitten miljoenen, soms miljarden druppeltjes. Die zwaaien daar rond en botsen tegen elkaar aan. Bij iedere botsing kunnen twee druppeltjes samengaan tot één grotere druppel. Op een gegeven moment is een druppel zo zwaar geworden, dat de lucht hem niet meer kan dragen. Dan valt hij naar beneden. Tijdens het vallen botst hij nog tegen andere druppels en wordt hij groter. Wat als kleine, onzichtbare waterdamp begon, komt uiteindelijk als regen weer op aarde terecht.
Wat is volgens de tekst de oorzaak dat een druppel uit een wolk naar beneden valt?
De meikever De meikever is een bruine kever die je in mei kunt zien vliegen. Hij is vernoemd naar de maand mei, omdat hij dan het meest actief is. Meikevers zijn vrij groot voor een insect: ze worden zo'n drie centimeter lang. In de avondschemering vliegen ze zoekend rond bomen en struiken. Ze eten de bladeren van eiken, beuken en andere loofbomen. Loofbomen zijn bomen die in de herfst hun bladeren laten vallen. De meikever heeft een bijzondere levenscyclus. Een levenscyclus is de opeenvolging van stadia die een dier doorloopt in zijn leven. Het vrouwtje legt eitjes in de grond. Uit die eitjes komen larven die wel drie tot vier jaar in de grond leven. Ze eten plantenwortels en kunnen schade aanrichten aan gewassen. Na die jaren veranderen de larven in een kever. Vroeger waren meikevers er in grote aantallen, maar tegenwoordig zijn ze zeldzamer door het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw.
Welke titel past het beste bij de tweede alinea van deze tekst?
De aalscholver in de stadssloot Op weg naar voetbaltraining liep Sven elke dinsdag langs een brede sloot midden in de stad. Meestal zag hij er eenden en soms een meerkoet. Vandaag stond er iets nieuws op een paaltje vlak boven het water: een grote, helemaal zwarte vogel met zijn vleugels wijd open. Het leek alsof hij zich uitstrekte naar de zon. Thuis vroeg Sven het aan zijn oudere zus, die in haar studie biologie veel over vogels had geleerd. 'Aalscholver,' zei ze meteen. 'Die spreidt zijn vleugels om ze te drogen.' De veren van een aalscholver zijn anders dan van eenden. Eendenveren zijn waterafstotend door een dun laagje vet. Aalscholvers hebben die laag niet, of veel minder. Daardoor worden hun veren wél nat als ze duiken. Maar dat heeft ook een voordeel, vertelde zijn zus. Eendenveren houden een eend juist heel goed drijvend. Maar de aalscholver wil juist diep duiken. Zijn natte, zware veren helpen hem om gemakkelijker onder water te blijven. Hij is dus een betere visser dan eenden, maar moet wel telkens drogen na een duik. 'Daarom zit hij zo op dat paaltje,' zei Sven. 'Hij is gewoon zijn jas aan het uithangen.'
Wat is volgens de zus van Sven het verband tussen de natte veren van de aalscholver en zijn voordeel bij het vissen?
Struisvogelvaren in het bos In het bos zie je in de lente allerlei planten opkomen. Een van de opvallendste is de varen. Varens zijn planten zonder bloemen. Ze groeien op vochtige, schaduwrijke plekken. In de lente rollen de nieuwe bladeren van de varen langzaam op vanuit de grond. Ze lijken dan op kleine slakkenhuisjes. Daarna ontvouwen ze zich tot grote, groene vederachtige bladeren. Vederachtig betekent dat ze lijken op een veer. Varens zijn hele oude planten. Ze bestonden al lang voordat de dinosaurussen leefden. Ze planten zich niet voort via zaden, maar via sporen. Sporen zijn heel kleine deeltjes die door de wind worden meegenomen. Als zo'n spoor op een goede plek terechtkomt, groeit er een nieuwe varen. Varens zijn ook populair als tuinplant. Ze vragen weinig verzorging en groeien goed op plekken waar weinig zonlicht komt.
Hoe planten varens zich voort, volgens de tekst?
Waarom er 's ochtends dauw op het gras ligt Als je in de vroege ochtend in mei door het gras loopt, worden je schoenen vaak nat. Toch heeft het 's nachts niet geregend. Het gras is bedekt met kleine waterdruppeltjes, die we dauw noemen. Maar waar komen die druppeltjes vandaan? Overdag verdampt er voortdurend water uit de aarde, planten en plassen. Dat water gaat in onzichtbare vorm de lucht in, als waterdamp. Warme lucht kan veel waterdamp vasthouden. 's Nachts koelt de aarde sterk af. De lucht vlak boven het gras koelt mee. Maar koude lucht kan minder waterdamp vasthouden dan warme lucht. Wat er teveel is, slaat neer als heel kleine druppeltjes. Precies op het gras, de bladeren en het hek. Daarom ligt er na een heldere, koude lentenacht meer dauw dan na een bewolkte nacht. Bij wolken blijft de warmte van de aarde langer hangen en koelt de lucht minder af. Zodra in de ochtend de zon opkomt, warmt de lucht weer op en kan zij de waterdamp opnieuw vasthouden. De druppeltjes verdampen en de dauw verdwijnt.
Wat is volgens de tekst de reden dat er na een heldere lentenacht meer dauw ligt dan na een bewolkte nacht?
De bij in de schooltuin Tijdens de pauze zag Noor een bij op de bloemen in de schooltuin. Ze boog zich er nieuwsgierig over heen. De bij kroop van bloem tot bloem en had gele klompjes aan zijn achterpoten. 'Wat zijn dat voor gele dingen?' vroeg ze aan de conciërge, die toevallig langskwam. Hij legde uit dat het stuifmeel was dat de bij had verzameld. Stuifmeel is een geel poeder dat in bloemen zit. Bijen nemen het mee als ze van bloem tot bloem vliegen. Na school zocht Noor op hoe dat precies werkte. Ze las dat bijen bloemen bestuiven: ze brengen stuifmeel van de ene bloem naar de andere. Daardoor kunnen planten vruchten en zaden maken. Zonder bijen zouden veel planten dus geen vruchten of zaden produceren. Ze las ook dat het slecht gaat met bijen in Nederland, omdat er steeds minder bloemen zijn in het landschap. Noor besloot haar moeder te vragen of ze bloemenzaadjes konden strooien in de tuin. 'Dan helpen we tenminste een beetje,' zei ze.
Lees het dikgedrukte woord. Wat betekent bestuiven in deze zin?
De koekoek doet het anders Voor de meeste vogels is het bouwen van een nest een groot deel van het lentewerk. Maar één vogel ontsnapt aan deze taak: de koekoek. Het vrouwtje legt haar eitje niet in een eigen nest, maar in dat van een andere vogel. Vaak kiest ze het nest van een kleine zangvogel, zoals een graspieper. Voordat ze haar eigen ei legt, gooit ze een ei van de gastouders uit het nest. Het nest blijft daardoor even vol als eerst. De gastouders merken het verschil niet. Een paar dagen later komt het koekoekskuiken uit. Hij is gelijk al sterk genoeg om de overige eieren uit het nest te duwen. Zo wordt hij het enige jong en krijgt hij alle voedsel van zijn pleegouders. Het bijzondere is dat de gastouders hem blijven voeren, ook als hij groter wordt dan zijzelf. Hun instinct zegt: er ligt een kuiken in mijn nest, dus ik moet voeden. Pas als de koekoek uitvliegt, ontdekken ze hun vergissing — maar dan is het te laat. Daarom heet de koekoek een broedparasiet: een dier dat zijn jongen door anderen laat grootbrengen.
Waarom blijven de gastouders het koekoekskuiken voeren, ook als hij groter wordt dan zijzelf?
De eerste fietstocht van het jaar In de krokusvakantie besloot de familie Huisman om de fietsen uit de schuur te halen. De banden waren zacht na de winter en het stuur van de jongste zat scheef. Na wat gepruts vertrokken ze eindelijk. Het was nog niet warm, maar de zon scheen en de lucht rook fris. Ze reden langs de rivier, over een heuvelrug en door een klein bosje. Onderweg zagen ze de eerste krokussen langs de kant van het fietspad staan, paars en geel. Halverwege stopten ze bij een broodjeszaak. Ze aten buiten op een bankje, ook al was het eigenlijk nog een beetje koud. 'We zijn de enigen die buiten zitten,' lachte de vader. Maar dat maakte het juist leuker. Op de terugweg begon het licht te regenen. De jongste wilde omdraaien maar de moeder zei dat ze bijna thuis waren. Nat maar tevreden kwamen ze aan. Thuis dronken ze warme chocomel. Iedereen was het er meteen over eens: als het echt lente werd, zouden ze elke week gaan fietsen.
Wat zal de familie Huisman waarschijnlijk doen als de lente echt begint?
Een picknick in het stadspark Op een zonovergoten zondag in mei pakte de familie Jacobs een tas vol eten en fietste naar het stadspark. Ze spreidde een kleed uit onder een boom met roze bloesem. Overal in het park lagen anderen hetzelfde te doen: gezinnen, vrienden, mensen met honden. Kinderen speelden frisbee op het gras. Een groep tieners had een Bluetooth-speaker meegenomen en er klonk zachtjes muziek. Tijdens het eten merkten ze van alles om zich heen. Een mus pikte kruimels van het kleed. Een eend met kuikens liep vlakbij. De bloesem van de boom waaide in zachte vlokjes neer. 'Het voelt een beetje als op vakantie,' zei de jongste dochter. Haar vader knikte. 'En we zijn gewoon thuis.' Na het eten speelden ze een potje kaarten en daarna lagen ze lui in het gras naar de wolken te kijken. Op de fiets terug zei iedereen dat ze dit vaker moesten doen. Het park was er altijd, maar je moest er wel naartoe gaan.
Wat is de hoofdgedachte van deze tekst?
De vleermuis komt tevoorschijn Op een zachte avond in april zat Ravi met zijn opa op het bankje in de achtertuin. Het werd net donker. Boven hen vlogen plotseling kleine zwarte schaduwen door de lucht. Ze maakten snelle bochten en doken op en neer. 'Vleermuizen,' zei opa. 'De eerste van het jaar.' Opa vertelde dat vleermuizen 's winters in een soort winterslaap zaten. Ze hingen ondersteboven in oude schuren, kerktorens of zolders. Ze aten niets en hun hart klopte heel langzaam. Maar zodra de buitentemperatuur 's avonds een paar weken op rij iets hoger lag, werden ze langzaam wakker. Pas dan was er namelijk genoeg voedsel: muggen en vliegen die zelf ook pas bij warmer weer in de lucht komen. Ravi keek omhoog. De vleermuizen vingen hun prooi door geluiden uit te zenden die zo hoog waren dat mensen ze niet kunnen horen. Het geluid kaatste terug van de muggen, en zo wisten ze precies waar de muggen vlogen. 'Hun oren zien beter dan hun ogen,' lachte opa. 'Een beetje een rare gedachte.'
Welk verband legt opa tussen de avondtemperatuur in de lente en het terugkeren van de vleermuizen?
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Advertentie

Oefenen met begrijpend lezen voor groep 7 thema lente

Op deze pagina staan oefeningen voor kinderen om begrijpend lezen te trainen rondom het thema lente. Bij begrijpend lezen gaat het er niet alleen om dat een kind de woorden kan lezen, maar vooral dat het de inhoud doorgrondt: waar gaat de tekst over, wat wil de schrijver zeggen en welke informatie is hoofdzaak? In groep 7 wordt dit nog uitdagender: kinderen krijgen vaker zakelijke en informatieve teksten te lezen en leren hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden. Ze oefenen met signaalwoorden, herkennen de opbouw van een tekst en trekken conclusies op basis van wat er niet letterlijk staat. Ook beoordelen ze steeds bewuster wat het doel van de schrijver is en of een tekst betrouwbaar lijkt. Door rond één thema te oefenen bouwen kinderen de specifieke woordenschat van dat onderwerp op. Hoe meer woorden en voorkennis ze opdoen, hoe makkelijker nieuwe teksten over hetzelfde thema te begrijpen zijn. Lente leent zich daar uitstekend voor: veel onderwerpen (bloeiende bloemen, dieren die jongen krijgen, langer wordende dagen) zien kinderen ook in hun eigen omgeving terug. Die herkenbaarheid maakt de teksten toegankelijker en het oefenen leuker. Liever op papier oefenen? Klik hier voor gratis werkbladen voor groep 7. Altijd op de hoogte blijven van ontwikkelingen en nieuw lesmateriaal? Volg dan onze Facebookpagina.

Begrijpend lezen groep 7 thema lente

Kies jouw groep en start met het oefenen van begrijpend lezen